Houtsoort speelt een grote rol. Hardhout zoals eiken of teak is van nature dichter en neemt het impregneermiddel langzamer op, maar houdt de bescherming ook langer vast. Zachthout zoals vuren of grenen is poreuzer en heeft sneller een herbehandeling nodig.
Blootstelling aan weer en wind is een andere factor. Hout dat constant in de volle zon staat, regelmatig nat wordt of weinig beschutting heeft, slijt de beschermende laag sneller af. Een schutting op het noorden heeft het dan ook langer vol dan een vlonder die de hele dag in de zon ligt.
Tot slot maakt de kwaliteit van de voorbereiding een groot verschil. Is het hout goed gereinigd en droog aangebracht, en zijn er twee lagen gebruikt? Dan haal je de maximale levensduur. Is er gehaast te werk gegaan of op nat hout gespoten, dan is de bescherming al snel minder effectief.